“Het werken met de extra rekenmaterialen van Zwijsen bevalt ons erg goed”, vertelt Elise Hesselink van basisschool De Esch in Borne. Ze staat nu voor groep 7 en heeft ook lesgegeven aan de groepen 6 en 8. “We hebben Rekentijger, Rekenvlinder, Rekenpanda en Real Life Rekenen eerst met een aantal kinderen uitgeprobeerd. De leerlingen waren allemaal meteen enthousiast, al moesten wij er even aan wennen. Maar dankzij de duidelijke handleiding en tips op de website zijn wij nu minstens even enthousiast als zij.”
Het werken met de extra rekenmaterialen van Zwijsen bevalt ons erg goed
Elise bepaalt in overleg met IB’er Hubertien Bruns welke kinderen met de extra rekenmaterialen aan de slag gaan. De IB’er legt uit: “Naar aanleiding van de CITO-score en de resultaten die leerlingen behalen op de toetsen van de rekenmethode Wizwijs, bekijken we of en welke extra rekenmaterialen de leerlingen nodig hebben.” Kinderen met een A+ score worden doorgetoetst om te kijken of ze Rekentijger aan kunnen. “Rekentijger is namelijk een stuk moeilijker dan Rekenpanda. Rekentijger is voor kinderen die (hoog)begaafd zijn. Rekenpanda zetten we in voor kinderen die goed zijn in rekenen, die hun werk snel af hebben en die graag extra willen oefenen.”
Elise vult aan: “We vragen deze leerlingen of ze het leuk vinden om extra te rekenen, want ze mogen ook kiezen voor een andere activiteit. De meeste kinderen kiezen voor extra rekenen, helemaal als ze de boekjes zien!” Rekenvlinder wordt ingezet als een leerkracht en de IB’er van De Esch constateren dat een kind van een bepaald onderwerp de strategie heeft gemist en ook na herinstructie onvoldoende scoort. Hubertien: “Het kind krijgt dan individuele aandacht (of in een groep als er meerdere leerlingen zijn met hetzelfde probleem) tijdens de zelfstandig werk les.”
Moderne redactiesommen met Real Life rekenen
Elise gebruikt naast Rekentijger, Rekenpanda en Rekenvlinder ook Real Life Rekenen, een andere Zwijsen-uitgave voor extra rekenen. Real Life Rekenen combineert rekenen met een sportomgeving, binnen exacte vakken of met de maatschappijvakken. “We gebruiken Real Life Rekenen als afwisseling met Rekenpanda, omdat sommige kinderen heel snel klaar zijn met het extra werk. Na Rekenpanda A werken ze in Real Life Rekenen en daarna gaan ze verder in Rekenpanda B. Met Real Life Rekenen leren kinderen maatschappijvakken combineren met rekenen en dat spreekt andere intelligentieniveaus aan.
Elise: “De rekenboeken staan vol met ‘moderne’ redactiesommen. Real Life Rekenen traint kinderen om hun rekenkennis toe te passen in het dagelijks leven én in andere schoolvakken. De boekjes staan vol prachtige illustraties. Als kinderen die zien, willen ze na de reguliere rekenles graag meer en anders rekenen.” Zowel tijdens de reguliere Wizwijs-rekenles als bij de extra rekenmaterialen, laat Elise haar leerlingen veel samenwerken. “Zodat ze van elkaar kunnen leren en oefenen met samenwerken.”
Resultaten bespreken
De goede rekenaars van deze groep 7 werken in de extra rekenmaterialen op de momenten dat er zelfstandig gewerkt wordt. Hubertien: “Minimaal een keer per week bespreekt de leerkracht de resultaten met de leerlingen. Dit is belangrijk, omdat de leerlingen wel enige begeleiding en instructie nodig hebben bij het werken met de extra rekenmaterialen.”
Op dit moment halverwege het schooljaar, werkt in groep 7 één leerling in Rekenpanda, zijn er drie Rekentijgers en maken drie andere leerlingen opdrachten uit Real Life Rekenen. Aan het einde van iedere schoolweek bekijkt Elise met haar leerlingen hoe ver ze gekomen zijn in de extra rekenboekjes. Hubertien: “Op zich kunnen ze er zelfstandig mee aan de slag, maar soms blijven kinderen hangen. Dan verander ik de samenstelling van de groepjes en als ik dan een beetje sturing geef, lukt het wel weer.” Met Rekentijger kunnen leerlingen zowel individueel als samen aan de slag. Door samen te werken, leren leerlingen overleggen en zo tot een antwoord komen. Elise: “De weg naar het antwoord toe is namelijk minstens zo belangrijk als het antwoord zelf.”
Zelf nakijken
De kinderen kijken de gemaakte opgaven zelf na. Elise: “Als ze op de helft van een opdracht zijn en niet verder kunnen, mogen ze van mij het antwoordboek erbij pakken.” Hoewel ze de leerlingen niet toetst op de extra rekenmaterialen, merkt ze wel dat ze er echt iets van leren. “Ik zie bijvoorbeeld vooruitgang in het zelfstandig werken en in het zoeken naar oplossingen.” Opdrachten die de leerlingen van Elise erg aanspreken zijn bijvoorbeeld zeeslag, wiskundige opdrachten, lijnontwerpen en de opdrachten waarbij ze met getallen werken, zoals GGD (grootste gemene deler) en KGV (kleinste gemene veelvoud). “Ik geef aan tot welke bladzijde ze mogen en daar binnen kiezen ze zelf een volgorde. Veruit de meeste kinderen grijpen dan eerst naar de wiskundige opdrachten!”